Die avond zat ik rustig te computeren. De telefoon ging; een kennis aan de lijn met de tip vooral nu even naar de televisie te gaan kijken. Zo zag ik nog een groot deel van de documentaire ‘Afval = Voedsel’ ofwel Cradle to Cradle.
Het was een heel interessant programma: over een unieke samenwerking tussen de Duitser Michael Braungart en de Amerikaan William McDonough om duurzaam ondernemen fundamenteel vorm te geven. Met de notie dat afval weer tot voedsel moet kunnen dienen. Het concept bleek reeds de kinderschoenen ontgroeid te zijn. Vooral het feit dat deze twee creatieve heren blijkbaar al diverse grote bedrijven in Amerika en zelfs in China met hun visie hadden kunnen overtuigen, vond ik bemoedigend. Opmerkelijk was wel dat diverse voorbeelden van duurzame projecten, die de VPRO nu in Amerika had opgenomen, net zo goed in Nederland ‘geschoten’ hadden kunnen worden. Maar ik was enthousiast over deze nieuwe trendsetters. Verfrissend en concreet. Toch kwamen er wat bedenkingen bij me op….
Kringloop-economie
Nader beschouwd is het nieuwe concept toch voor een groot deel oude wijn in nieuwe zakken. Want het is een uitwerking van het ‘oude’ ideaal van de kringloop-economie, zoals we dat in Nederland noemen. In het Engels bestaat al jaren de term steady-state-economy, waarover onder anderen Herman Daly publiceerde. Maar Braungart en McDonough hebben aan die begrippen ongetwijfeld heel effectief handen en voeten gegeven.
Waar ze echter met geen woord over reppen, althans niet in de documentaire, is dat ook hergebruik en recycling een flinke voetafdruk hebben. Denk maar aan de infrastructuur die ervoor nodig is, zoals extra gebouwen en machines. En veel vervoer. Dus wegen, vrachtwagens en vervuiling. Het hele proces kost bovendien een flinke portie energie. Dus zo kinderlijk eenvoudig als het in de documentaire wordt voorgesteld is het helaas niet. Dat is een ernstig manco van het programma. Het wordt allemaal veel te mooi voorgesteld. Gevaarlijk optimisme is het gevolg. Want voor veel mensen is het een signaal, dat ze zich totaal geen zorgen meer hoeven te maken over afval, dat er geen vuiltje meer aan de lucht zou zijn.
Gevaarlijk optimisme
Helaas wordt dat gevaarlijk optimisme gevoed door de heren zelf. In een interview hoorde ik Braungart zelfs zeggen dat afval nu helemaal geen probleem meer is. ‘Hoe meer hoe beter!’ roept hij op een bepaald moment nogal naïef uit. Daarmee tevens aangevend dat ook verdere groei van de economie geen punt van discussie meer hoeft te zijn. Het kan hun strategie zijn om op die manier meer bedrijven voor hun concept te winnen. Dergelijke uitspraken gaan echt te ver. Hun concept kan daardoor zelfs de wegwerp-economie verder laten groeien, zodat we qua duurzaamheid verder van huis komen.
Toch vind ik dat Braungart en McDonough vooral door moeten gaan met hun werk. En hopelijk krijgen ze vele nieuwe collega’s, zodat ze bereiken dat spoedig alle ondernemers geboeid raken door hun aanpak. Maar ze moeten wel reëel blijven. We zullen met hen in debat moeten gaan over hoe we kunnen voorkomen dat hun prachtige concept leidt tot het beruchte rebound-effect. Met de methode van de mondiale voetafdruk, intussen ook de kinderschoenen ontgroeid, kan dat goed gemeten worden.
Jan Juffermans, augustus 2007.