![]() | home |
Nederland | producten | 2007-04-26 |
Bron: Genoeg Gelukkig met minder Bewust minder consumeren kan een belangrijke positieve levenservaring zijn. Dit blijkt uit een omvangrijk onderzoek onder lezers van het tijdschrift Genoeg. Vragen over ervaringen met minder geld uitgeven leverden twee keer zoveel positieve als negatieve reacties op. Genoeglezers blijken verder zowel in hun gedrag als in hun aankopen rekening te houden met mens en milieu. Ze zijn het prototype van de zogenaamde downshifters of simplelivers; een snel groeiende groep moderne consumenten die volgens Marktonderzoekbureau Datamonitor al een half miljoen Nederlanders telt. De resultaten van het Genoegonderzoek zullen verder geanalyseerd worden in een promotieonderzoek naar duurzaam gedrag, dat Jeanine Schreurs, hoofdredacteur van Genoeg, verricht bij de Universiteit Maastricht. Uit onderzoek onder de lezers van het tijdschrift Genoeg komt naar voren dat ongeveer driekwart van de lezers op een bepaald moment in het leven bewust minder geld is gaan uitgeven. Opvallend is dat ongeveer de helft van de mensen minder is gaan uitgeven, terwijl het inkomen gelijk bleef of - in 11 procent van de gevallen - zelfs hoger werd. Mensen blijken vooral te bezuinigen op impulsaankopen, kleding, uitgaan, meubels, boeken en cd’s. Bijna 70 procent van de inzenders is ook minder energie gaan gebruiken. Al consuminderend gaan mensen andere prioriteiten stellen. Er wordt meer gespaard of schulden worden afgelost. Verder gaan mensen meer uitgeven aan zaken als biologische voeding, studie, persoonlijke ontwikkeling of speciale geneeswijzen of therapieën. Ook goede doelen profiteren mee: 14 procent van de lezers is hieraan meer geld gaan besteden. Goed voor mens en milieu Genoeglezers blijken veelal hoog opgeleide vrouwen te zijn, die godsdienst en/of spiritualiteit belangrijk vinden. De Protestante Kerk Nederland, boeddhisme en rooms katholicisme worden het vaakst genoemd als inspiratiebron; de meeste lezers hebben echter geen voorkeur voor een bepaalde stroming. Ze putten inspiratie uit de bijbel en het werk van Deepak Chopra, de Dalai Lama, Thich Nhat Hanh. Ook zen en tao zijn genoemd als inspiratiebron. Bovendien zijn de natuur (“wandelen langs water) of god in de natuur belangrijk (“degene die de sla laat groeien”). Genoeglezers blijken verder gulle gevers: maar liefst 93 procent steunt een of meer goede doelen. Ook houdt men rekening met het milieu: door niet te verkwisten, te hergebruiken, zuinig te zijn met energie, afval te scheiden en overtollige spullen naar de kringloopwinkel te brengen. De helft van de Genoeglezers koopt bij voorkeur voedsel uit de eigen regio. Ook biologische voeding is favoriet: maar liefst 41 procent geeft aan vaak of altijd biologische voeding te kopen. Ervaringen met minder geld De vraag naar ervaringen met minder geld uitgeven, leverde twee keer zoveel positieve als negatieve antwoorden. Bij de negatieve antwoorden springen twee zaken eruit: namelijk de ervaring te weinig geld te hebben en de reacties uit de omgeving. “Altijd, altijd rekenen” verzucht een lezeres. Er is “zorg om de eindjes aan elkaar te knopen” en om niet “in armoede te vervallen”. Opvallend veel negatieve ervaringen gaan echter over reacties uit de omgeving. Vooral degenen die met een hoog inkomen toch kiezen voor minder consumeren, geven aan “hier vreemd op aangekeken te worden” of als “asociaal” te worden bestempeld, “omdat mensen denken dat we de economie niet steunen”. Voor de meeste Genoeglezers blijkt consuminderen vooral een positieve levenservaring te zijn, die nauw samenhangt met “bewust leven”, “onafhankelijk zijn” en “controle hebben over financiën”. Door bewust minder geld uit te geven, worden mensen “meer tevreden met wat ze hebben”. Ook is er de ontdekking dat geluk niet afhangt van materie, trots om “niet met de kudde mee te lopen” en zelfrespect door “het milieu minder te belasten”. Het onderzoek Het tijdschrift Genoeg verschijnt tweemaandelijks in een oplage van 10.000 exemplaren; het bereik is ongeveer 40.000 lezers per editie. Het Genoegonderzoek vond plaats tussen december 2006 en februari 2007, in opdracht van de nieuwe uitgever van Genoeg, Heleen van der Sanden, en is uitgevoerd met subsidie van SenterNovem door bureau Flycatcher, Maastricht. Het onderzoek is onderdeel van een promotieonderzoek door Jeanine Schreurs en wordt begeleid door prof. Pim Martens, hoogleraar duurzame ontwikkelingswetenschap en prof. Gerjo Kok, hoogleraar sociale psychologie bij de Universiteit Maastricht. __ Bron: Genoeg |